Uitspraak
GERECHTSHOF AMSTERDAM
1.Het geding in hoger beroep
2.Feiten
3.Beoordeling
“De Stichting verbindt zich hiermede jegens de Bank als borg voor de Leerling tot zekerheid van de betaling van al hetgeen de Bank opeisbaar van de Leerling te vorderen mocht hebben uit hoofde van de Kredietovereenkomst tot maximaal 5 (vijf) jaar na de datum van voltooiing van de AOV, zulks echter uitsluitend voor het geval de Leerling deze verplichtingen jegens de Bank niet kan nakomen omdat hij/zij:
geenberoep op de borgtocht toekwam.