ECLI:NL:GHAMS:2014:4675
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak deelname criminele organisatie en oplichting wegens gebrek aan opzet
Het gerechtshof Amsterdam behandelde het hoger beroep tegen het vonnis van de rechtbank Amsterdam inzake deelname aan een criminele organisatie en oplichting. Verdachte had gedurende korte periodes werkzaamheden verricht voor twee ondernemingen die beleggers misleidden met niet bestaande vastgoedprojecten. Zijn werkzaamheden bestonden voornamelijk uit telefonische verkoop.
De verdediging stelde dat verdachte niet op de hoogte was van het criminele oogmerk en daarom niet met opzet handelde. Het hof overwoog dat verdachte jong en ambitieus was, werkte onder valse namen en contant werd betaald zonder schriftelijke afspraken. Hoewel dit duidt op een gebrek aan kritisch denkvermogen, was er onvoldoende bewijs dat verdachte wist van de criminele activiteiten.
Een verklaring van een medeverdachte over een gesprek waarin geld werd weggesluisd, was onvoldoende om wetenschap van verdachte aan te tonen. Het hof vernietigde het vonnis van de rechtbank en sprak verdachte vrij van de tenlastegelegde feiten wegens gebrek aan wettig bewijs van opzet.
Uitkomst: Verdachte is vrijgesproken van deelname aan een criminele organisatie en oplichting wegens onvoldoende bewijs van opzet.