ECLI:NL:GHAMS:2014:4326
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Verplichting tot zekerheidsstelling voor proceskosten bij ontbreken vaste verblijfplaats
In deze civiele procedure is appellant in hoger beroep gekomen tegen een vonnis van de rechtbank Amsterdam waarin zijn vorderingen tot wedertewerkstelling en salarisbetaling zijn afgewezen. Geïntimeerde heeft in een incident gevorderd dat appellant zekerheid stelt voor de proceskosten die bij bekrachtiging van het vonnis in hoger beroep aan haar kunnen worden opgelegd.
Het hof stelt vast dat appellant geen vaste woon- of verblijfplaats in Nederland meer heeft en dat hij niet bereikbaar is. Dit verhoogt het risico dat een proceskostenveroordeling niet kan worden geïnd. Op grond van artikel 224 lid 1 Rv Pro is appellant daarom gehouden zekerheid te stellen, tenzij een uitzondering van toepassing is, wat niet het geval is.
Het hof bepaalt dat appellant binnen vier weken een bankgarantie van € 7.228,- moet stellen, op straffe van niet-ontvankelijkheid in de hoofdzaak. De beslissing over proceskosten in het incident wordt aangehouden tot het eindarrest. De hoofdzaak wordt verwezen naar de rol voor verdere behandeling.
Uitkomst: Appellant is verplicht binnen vier weken een bankgarantie van € 7.228,- te stellen voor proceskosten, op straffe van niet-ontvankelijkheid in de hoofdzaak.