Uitspraak
GERECHTSHOF AMSTERDAM
1.Ontstaan en loop van het geding
- verklaart het beroep gegrond;
- vernietigt de uitspraak op bezwaar, echter alleen voor zover deze de boete betreft;
Gerechtshof Amsterdam
Belanghebbende stelde in hoger beroep dat hij niet de volledige door de inspecteur vastgestelde inkomsten had genoten en dat mogelijk misbruik was gemaakt van zijn burgerservicenummer. De rechtbank had eerder de verzuimboete verminderd van €113 naar €22 en het beroep gegrond verklaard. Het Hof bevestigt dat belanghebbende niet tijdig de vereiste aangifte heeft gedaan en dat de inspecteur op redelijke gronden het belastbaar inkomen heeft vastgesteld op €26.427.
Het Hof toetst de redelijkheid van de schatting en acht de door de inspecteur gebruikte gegevens, waaronder loonbetalingen van verschillende werkgevers en verklaringen van derden, voldoende betrouwbaar. De stellingen van belanghebbende over het niet ontvangen van inkomsten en mogelijke fraude met zijn BSN zijn onvoldoende onderbouwd.
Daarom wordt het hoger beroep ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd. De boete wordt gehandhaafd op het door de rechtbank vastgestelde bedrag van €22. Er is geen aanleiding voor een kostenveroordeling. De uitspraak is gedaan door de belastingkamer van het Gerechtshof Amsterdam op 2 oktober 2014.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd met vermindering van de verzuimboete tot €22.