ECLI:NL:GHAMS:2014:2107

Gerechtshof Amsterdam

Datum uitspraak
5 juni 2014
Publicatiedatum
5 juni 2014
Zaaknummer
200.093.482/01 OK
Type
Uitspraak
Uitkomst
Overig
Procedures
  • Mondelinge uitspraak
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Verwijzingen
1 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Beëindiging enquêteprocedure en onmiddellijke voorzieningen bij Beleggingsmaatschappij Noork B.V.

De Ondernemingskamer Amsterdam behandelde een enquêteprocedure gericht op het beleid en de gang van zaken van Beleggingsmaatschappij Noork B.V. over de periode vanaf 1 januari 2010. Eerder waren op 8 december 2011 en 16 maart 2012 al beschikkingen genomen waarbij een onderzoek werd bevolen en een bestuurder werd benoemd.

Op 2 juni 2014 verzochten de verzoekers, vertegenwoordigd door hun advocaat, de Ondernemingskamer om de procedure te beëindigen vanwege een minnelijke regeling die met alle betrokken partijen was getroffen. De onderzoeker en de benoemde bestuurder gaven aan geen bezwaar te hebben tegen beëindiging van het onderzoek en de onmiddellijke voorzieningen.

De Ondernemingskamer oordeelde dat er geen belangen waren die zich tegen beëindiging verzetten en besloot het onderzoek en de getroffen voorzieningen met ingang van die dag te beëindigen. De beschikking werd uitvoerbaar bij voorraad verklaard en mondeling uitgesproken tijdens de openbare zitting van 5 juni 2014.

Uitkomst: De Ondernemingskamer beëindigt het onderzoek en de onmiddellijke voorzieningen in de enquêteprocedure tegen Beleggingsmaatschappij Noork B.V. na het bereiken van een minnelijke regeling.

Uitspraak

beschikking
___________________________________________________________________
GERECHTSHOF AMSTERDAM
ONDERNEMINGSKAMER
zaaknummer: 200.093.482/01 OK
beschikking van de Ondernemingskamer van 5 juni 2014
inzake

1.[VERZOEKER 1.],

2. [VERZOEKER 2.],
beiden wonende te Düsseldorf (Duitsland),
VERZOEKERS,
advocaat:
mr. J.W. Kempenaar-van Ittersum, kantoorhoudende te Dronten,
t e g e n
de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid
BELEGGINGSMAATSCHAPPIJ NOORK B.V.,
gevestigd te Ede,
VERWEERSTER,
advocaat:
mr. A.R.M. van der Pluijm, kantoorhoudende te Leiden,
e n t e g e n
[BELANGHEBBENDE],
wonende te Emmeloord,
BELANGHEBBENDE,
advocaat:
mr. A.R.M. van der Pluijm, kantoorhoudende te Leiden.

1.Het verloop van het geding

1.1
Voor het verloop van het geding verwijst de Ondernemingskamer in de eerste plaats naar haar beschikkingen van 8 december 2011 en van 16 maart 2012 in deze zaak.
1.2
Bij beschikking van 8 december 2011 heeft de Ondernemingskamer - voor zover hier van belang - een onderzoek bevolen naar het beleid en de gang van zaken van Beleggingsmaatschappij Noork B.V. (hierna aan te duiden als Noork) over de periode vanaf 1 januari 2010 tot de dag van die beschikking, een nader aan te wijzen en aan partijen bekend te maken persoon benoemd teneinde het onderzoek te verrichten, en bij wijze van onmiddellijke voorzieningen en vooralsnog voor de duur van het geding - voor zover nodig in afwijking van de statuten - ir. P. van Waning benoemd tot bestuurder van Noork en bepaald dat één aandeel van Webotel B.V., alsmede één aandeel van [VERZOEKER 1.] en [VERZOEKER 2.] in Noork ten titel van beheer zijn overgedragen aan deze bestuurder. Bij beschikking van 16 maart 2012 heeft de Ondernemingskamer mr. E.L. Zetteler benoemd als onderzoeker in deze zaak.
1.3
Bij faxbericht van 2 juni 2014 heeft mr. Kempenaar-van Ittersum de Ondernemingskamer verzocht, in verband met een getroffen minnelijke regeling, naar de Ondernemingskamer begrijpt namens alle in de procedure betrokken partijen, om de enquêteprocedure en daarmee het onderzoek en de getroffen onmiddellijke voorzieningen te beëindigen. Het faxbericht is voor akkoord ondertekend door mr. Van der Pluijm.
1.4
De door de Ondernemingskamer benoemde onderzoeker en bestuurder hebben de secretaris van de Ondernemingskamer bericht dat zij geen bezwaar hebben tegen beëindiging van de procedure.

2.De gronden van de beslissing

Nu partijen een minnelijke regeling hebben getroffen, er geen bezwaren zijn ontvangen tegen beëindiging van het onderzoek en opheffing van de getroffen onmiddellijke voorzieningen en de Ondernemingskamer ook voorts niet is gebleken van enig belang dat zich daartegen verzet, zal de Ondernemingskamer het verzoek inwilligen aldus dat dat zij het bij de beschikking van 8 december 2011 bevolen onderzoek en de bij die beschikking getroffen onmiddellijke voorzieningen zal beëindigen, één en ander met ingang van heden.

3.De beslissing

De Ondernemingskamer:
beëindigt met ingang van heden het bij haar beschikking van 8 december 2011 bevolen onderzoek naar het beleid en de gang van zaken van Beleggingsmaatschappij Noork B.V., gevestigd te Ede;
beëindigt met ingang van heden de bij haar beschikking van 8 december 2011 getroffen onmiddellijke voorzieningen;
verklaart deze beschikking uitvoerbaar bij voorraad.
Deze beschikking is gegeven door mr. G.C. Makkink, voorzitter, mr. E.A.G. van der Ouderaa en
mr. A.M.L. Broekhuijsen-Molenaar, raadsheren, en prof. dr. R.A.H. van der Meer RA en prof. dr. mr. F. van der Wel RA, raden, in tegenwoordigheid van mr. B.E. Meerdink-Schenau, griffier, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van de Ondernemingskamer van 5 juni 2014.