Uitspraak
GERECHTSHOF AMSTERDAM
mr. I.M.C.A. Reinders Folmerte Amsterdam,
mr. E. Investte Amsterdam.
1.Het geding in hoger beroep
2.Feiten
3.Beoordeling
grieven 1 en 2zijn gericht tegen het oordeel van de kantonrechter dat de overeenkomst tussen partijen moet worden aangemerkt als een huurovereenkomst bedrijfsruimte. Ook de
incidentele griefvan Hurdle, waarin zij aanvoert dat tussen partijen een serviceovereenkomst is gesloten en haar vordering niet (meer) is gebaseerd op een huurovereenkomst bedrijfsruimte, is tegen dit oordeel gericht.
grieven 3 en 4, die zich lenen voor gezamenlijke behandeling.
grieven 5 en 6verwijzen naar de voorgaande grieven en hebben derhalve geen zelfstandige betekenis.