Uitspraak
mr. M.A.L.M. Willemste Amsterdam,
mr. J.A. Voermante Amsterdam,
mr. A.J. Haasjeste Amsterdam,
1.Het geding in hoger beroep
- memorie van grieven met producties zijdens [appellante];
- memorie van antwoord met producties zijdens de Ontvanger;
- memorie van antwoord tevens memorie van grieven in voorwaardelijk incidenteel appel zijdens ABN AMRO;
- memorie van antwoord in voorwaardelijk incidenteel appel zijdens [appellante];
- memorie van antwoord in voorwaardelijk incidenteel appel zijdens de Ontvanger.
2.Feiten
3.Beoordeling
grieven 1 tot en met 6 in het principaal appelbetoogt [appellante] allereerst dat het invorderingsrecht van de Ontvanger jegens J-E is verjaard, zodat de rechtbank ten onrechte de vraag heeft opgeworpen of de vordering uit hoofde van de bankgarantie door J-E aan [appellante] is overgedragen. [appellante] beroept zich in dit verband op een mededeling, van de inspecteur tijdens een comparitie voor de belastingkamer van het hof Den Bosch op 2 november 2010, dat het invorderingsrecht is verjaard. Vervolgens betoogt [appellante] in de toelichtingen op deze grieven dat J-E met de hiervoor genoemde overeenkomst van 22 augustus 2002 de vordering uit hoofde van de bankgarantie rechtsgeldig aan haar heeft overgedragen en dat de rechtbank ten onrechte heeft geoordeeld dat de overeenkomst tussen J-E en [appellante] als een schijnhandeling moet worden beschouwd. Daarbij heeft [appellante] betoogd dat J-E een schuld aan haar had en dat J-E gehouden was om de vordering aan haar over te dragen. Het hof zal deze grieven gezamenlijk behandelen.
Fortis de boven bedoelde bankgarantie aan Cessionaris[[appellante], hof]
heeft overgedragen …“, hetgeen niet te rijmen is met de stelling van [appellante] dat de vordering met die overeenkomst door J-E aan haar wordt overgedragen. Het betoog van [appellante] dat J-E een schuld aan haar had en dat J-E gehouden was om de vordering aan haar over te dragen baat haar niet, omdat zulks onverlet laat dat de tot levering vereiste akte ontbreekt.
grief in het incidenteel appelis verbonden aan de voorwaarde dat het hof oordeelt dat ABN AMRO gehouden is om aan [appellante] enig bedrag te betalen. Nu het hof niet tot dat oordeel is gekomen, behoeft deze grief geen behandeling.