ECLI:NL:GHAMS:2012:BY9879
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- J.P.A. Boersma
- A.P.M. van Rijn
- J.P. Kruimel
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep over te hoge WOZ-waardering beneden- en bovenwoning in Amsterdam
Belanghebbende betwistte de door de gemeente Amsterdam vastgestelde WOZ-waarden van zijn beneden- en bovenwoning per 1 januari 2008, stellende dat deze te hoog waren vastgesteld. Hij bracht een taxatierapport van de Belastingdienst in, dat een lagere waarde voor de benedenwoning in verhuurde staat vermeldde. De rechtbank verklaarde het beroep gegrond wegens onvoldoende motivering van de heffingsambtenaar, maar handhaafde de rechtsgevolgen van de uitspraak op bezwaar.
In hoger beroep oordeelde het hof dat het taxatierapport van de Belastingdienst niet bruikbaar was omdat het niet voldeed aan de objectafbakening en geen vergelijkingsverkoopcijfers bevatte. De heffingsambtenaar had onvoldoende aannemelijk gemaakt dat de kwaliteit en het onderhoud van de benedenwoning juist waren gewaardeerd, waardoor de waarde van de benedenwoning werd verlaagd naar € 260.000.
Voor de bovenwoning achtte het hof de gehanteerde vergelijkingsmethode en referentiewoningen wel passend, maar corrigeerde de waarde met € 3.000 wegens ten onrechte meegerekende berging. Het hof liet het bewijsaanbod van belanghebbende buiten beschouwing omdat dit te laat werd gedaan en geen onverwachte procedurele wendingen waren opgetreden.
Het hof vernietigde de uitspraak van de rechtbank en de uitspraak op bezwaar, stelde de WOZ-waarden van beide woningen lager vast en veroordeelde de heffingsambtenaar in de proceskosten van belanghebbende.
Uitkomst: Het hof stelde de WOZ-waarden van de beneden- en bovenwoning lager vast en vernietigde de uitspraak op bezwaar en de uitspraak van de rechtbank.