ECLI:NL:GHAMS:2012:BY2299
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep tegen navordering invoerrechten knoflook wegens onjuiste tariefindeling
Belanghebbende heeft elf aangiften gedaan voor invoer van knoflooktenen die als 'bevroren knoflook' waren aangegeven, terwijl de temperatuur circa -1,5°C bedroeg. De inspecteur stelde navorderingen in omdat de knoflook volgens hem onjuist was ingedeeld onder de tariefpost voor bevroren knoflook. De rechtbank verklaarde het beroep van belanghebbende ongegrond, maar het Hof vernietigt deze uitspraak.
Het Hof oordeelt dat voor twee aangiften (3767 en 4561) sprake is van een vergissing van de inspecteur in de zin van artikel 220, tweede lid, aanhef en letter b, van het Communautair Douanewetboek. De douane had bij verificatie aan de hand van bescheiden kunnen zien dat de knoflook niet voldeed aan de grens voor bevroren knoflook (-7°C) die de inspecteur hanteerde. Voor deze aangiften had navordering achterwege moeten blijven.
Voor andere aangiften, die alleen via containerscan waren gecontroleerd, was geen sprake van een vergissing omdat een containerscan geen temperatuur kan vaststellen. Ook het gelijkheids-, rechtszekerheids- en zorgvuldigheidsbeginsel zijn volgens het Hof niet geschonden. De onjuiste jaaraanduiding in enkele aangiften leidt niet tot vernietiging van de navordering.
Het Hof vernietigt het vonnis van de rechtbank, verklaart het beroep gegrond, vermindert de navordering met €44.249,17, veroordeelt de inspecteur in de proceskosten van belanghebbende en gelast vergoeding van griffierechten. Tegen deze uitspraak staat cassatie open.
Uitkomst: Het Hof vernietigt de uitspraak van de rechtbank, verklaart het beroep gegrond en vermindert de navordering met €44.249,17.