ECLI:NL:GHAMS:2012:BX9641
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Geen recht op milieu-investeringsaftrek voor hydrotray-dragers bij bollenbroei
Belanghebbende investeerde in 2003 in hydrotray-dragers en hydrotrays voor het broeien van tulpenbollen op water en claimde milieu-investeringsaftrek (MIA) voor beide investeringen. De inspecteur accepteerde de MIA voor de hydrotrays, maar weigerde deze voor de hydrotray-dragers. De rechtbank gaf belanghebbende gelijk, maar de inspecteur ging in hoger beroep.
Het Hof stelde vast dat de hydrotray-dragers niet als 'containers voor bollenbroei op water' in de Milieulijst 2003 kunnen worden aangemerkt omdat het broeiproces plaatsvindt in de hydrotrays zelf. De dragers zijn niet technisch noodzakelijk voor het broeiproces en dienen ook andere logistieke functies binnen het bedrijf. Dit betekent dat zij een zelfstandige betekenis hebben en niet uitsluitend dienstbaar zijn aan de hydrotrays.
Belanghebbendes beroep op het gelijkheidsbeginsel werd verworpen omdat het vergelijkbare geval betrekking had op een investering in 2006, met een andere Milieulijst en een ander regime. Het Hof vernietigde het vonnis van de rechtbank, verklaarde het beroep van belanghebbende ongegrond, veroordeelde de inspecteur in de kosten en gelastte vergoeding van het griffierecht.
Uitkomst: Het Hof verklaart het beroep van belanghebbende ongegrond en vernietigt de uitspraak van de rechtbank.