ECLI:NL:GHAMS:2012:BX0410
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- W.J. Noordhuizen
- C.C. Meijer
- J.C. Toorman
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep in zaak over beroepsaansprakelijkheid advocaat en niet-betaling facturen
In deze civiele zaak staat de vordering van een maatschap advocaten tot betaling van openstaande declaraties tegenover de vordering van de cliënt tot schadevergoeding wegens vermeende tekortkomingen in de rechtsbijstand. De rechtbank had de vorderingen van de maatschap toegewezen en die van de cliënt afgewezen.
De cliënt stelde in hoger beroep dat de rechtbank niet-ontvankelijk had moeten verklaren omdat de Raad van Discipline bevoegd zou zijn, maar het hof oordeelde dat de civiele rechter bevoegd is wanneer de factuur niet wordt betaald om andere redenen dan de hoogte ervan. De klachtprocedure tegen de advocaat was tijdig ingediend, wat het hof bevestigde aan de hand van correspondentie met de Orde van Advocaten.
Het hof stelde de cliënt in de gelegenheid om de beslissing van de Raad van Discipline over zijn klacht in te brengen, omdat die van belang kan zijn voor de beoordeling van de aansprakelijkheid. De zaak werd aangehouden voor verdere beslissing. Het arrest werd gewezen door drie raadsheren en in het openbaar uitgesproken op 13 maart 2012.
Uitkomst: Het hof verwierp het beroep op niet-ontvankelijkheid, erkende de civiele rechter als bevoegd en hield de zaak aan voor nadere stukken en beslissing.