ECLI:NL:GHAMS:2012:BW8249
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- M.J.G.B. Heutink
- R.H.J. de Vries
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak wegens levensbeschouwelijke bezwaren tegen leerplichtinschrijving dochter
De verdachte werd ten laste gelegd dat hij in de periode van 5 september 2011 tot 6 oktober 2011 niet had voldaan aan de leerplichtwet door zijn dochter niet in te schrijven bij een school. Hij beriep zich op een vrijstelling op grond van artikel 5, lid 1, onder b, van de Leerplichtwet 1969, vanwege overwegende levensbeschouwelijke bedenkingen tegen de richting van het onderwijs op alle binnen redelijke afstand gelegen scholen.
Het hof overwoog dat de verdachte voldoende aannemelijk had gemaakt dat hij en zijn dochter een islamitische levensbeschouwing aanhangen die afwijkt van het onderwijsaanbod in de omgeving. Na sluiting van de Islamitische school was inschrijving bij een andere islamitische school niet mogelijk. De schriftelijke bedenkingen tegen het onderwijsaanbod werden als aanvullend op de vrijstellingsaanvraag gezien.
Het hof concludeerde dat de verdachte door tijdige kennisgeving van zijn overwegende bezwaren rechtmatig was vrijgesteld van de inschrijvingsplicht. Het ten laste gelegde feit kon niet wettig en overtuigend worden bewezen, zodat de verdachte werd vrijgesproken. Het hof vernietigde het eerdere vonnis van de rechtbank en sprak verdachte vrij.
Uitkomst: Verdachte is vrijgesproken wegens gegronde levensbeschouwelijke bezwaren tegen het onderwijsaanbod waardoor hij rechtmatig was vrijgesteld van inschrijvingsplicht.