ECLI:NL:GHAMS:2012:BW4973
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Vermindering vergrijpboeten en bevestiging naheffingsaanslagen omzetbelasting en inkomstenbelasting
Belanghebbende, exploitant van een taxionderneming en een garagebedrijf, kreeg naheffingsaanslagen omzetbelasting (OB) en een aanslag inkomstenbelasting (IB) opgelegd wegens niet-aangegeven omzet en niet opgegeven WAO/AAW-uitkering over 2004 en 2005. De inspecteur stelde correcties vast op basis van negatieve kassaldi en gebrekkige administratie, wat leidde tot een omzetcorrectie van € 50.000 voor de taxionderneming en € 20.000 voor het garagebedrijf in 2004.
De rechtbank had de naheffingsaanslagen en boeten gehandhaafd, maar de boeten verminderd. Belanghebbende ging in hoger beroep tegen de boetebeschikkingen en de hoogte van de naheffingsaanslagen. Het Hof oordeelde dat de administratieplicht niet was nageleefd en dat de inspecteur terecht een redelijke schatting maakte van de omzetcorrecties. De omkering van de bewijslast was terecht toegepast.
Het Hof achtte bewezen dat belanghebbende opzettelijk te weinig OB had aangegeven en betaald. Gezien de wijze van vaststelling van de omzetcorrecties en het arrest van de Hoge Raad over omkering van bewijslast, achtte het Hof een boete van 40% passend. Het Hof vernietigde het eerdere vonnis voor zover het de boeten betrof, verminderde de boeten conform het standpunt van de inspecteur en veroordeelde de inspecteur in de proceskosten van belanghebbende.
Uitkomst: Naheffingsaanslagen OB en IB bevestigd, vergrijpboeten verminderd tot 40% van nageheven OB.