ECLI:NL:GHAMS:2012:BW2062
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Vernietiging aandelenleaseovereenkomst wegens gebrek aan kennis door echtgenote
In deze zaak stond de vernietiging van een aandelenleaseovereenkomst centraal, gesloten door de echtgenoot van appellante met Dexia. Het hof oordeelde dat appellante niet tijdig op de hoogte was van de leaseovereenkomst, ondanks het vermoeden dat zij hiervan kennis had vanwege betalingen vanaf een gezamenlijke rekening.
Appellante en haar echtgenoot werden als getuigen gehoord. Hun verklaringen ontkrachtten het vermoeden van kennisname, mede omdat de echtgenoot de financiële zaken beheerste en appellante geen inzicht had in de bankafschriften. Dexia kon geen aanvullend bewijs leveren dat appellante meer dan drie jaar voor de vernietiging op de hoogte was.
Het hof vernietigde het vonnis van de rechtbank en oordeelde dat de leaseovereenkomst op 5 januari 2005 met succes was vernietigd. Dexia werd veroordeeld tot terugbetaling van alle door de echtgenoot betaalde bedragen, vermeerderd met wettelijke rente vanaf 20 januari 2005. De kosten van het geding werden aan Dexia opgelegd.
Uitkomst: De aandelenleaseovereenkomst is vernietigd en Dexia is veroordeeld tot terugbetaling met wettelijke rente en proceskosten.