ECLI:NL:GHAMS:2012:BW0722
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- E.A.G. van der Ouderaa
- H.E. Kostense
- H.N. van der Kolk
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep tegen navorderingsaanslag en vergrijpboete wegens niet opgegeven winstuitdeling en onvolledige aangifte
De inspecteur legde aan belanghebbende navorderingsaanslagen en vergrijpboetes op over de jaren 1998, 1999 en 2000 wegens niet opgegeven winstuitdelingen uit een N.V. waarin belanghebbende meerderheidsaandeelhouder was. Belanghebbende voerde aan dat de civiele rechter de inbrengakten nietig had verklaard, waardoor de opbrengsten niet tot de winst van de N.V. konden worden gerekend. Het Hof verwierp dit en stelde dat voor de belastingheffing de feitelijke gang van zaken leidend is.
De administratie van de vennootschap was ondeugdelijk en er was sprake van verzwegen omzet en uitbetaald zwart loon. Het Hof bevestigde dat belanghebbende niet de vereiste aangifte had gedaan, waardoor de omkering en verzwaring van de bewijslast van toepassing was. De winstuitdelingen werden aannemelijk gemaakt en toegerekend aan belanghebbende.
De vergrijpboete werd door het Hof gematigd van 50% naar 40% vanwege de toepassing van de bewijslastomkering en vervolgens verminderd tot € 35.000 wegens overschrijding van de redelijke termijn. Het hoger beroep werd gegrond verklaard voor zover het de boetebeschikking betrof en de inspecteur werd veroordeeld tot vergoeding van proceskosten.
Uitkomst: Navorderingsaanslag bevestigd; vergrijpboete gematigd tot € 35.000 wegens termijnoverschrijding.