ECLI:NL:GHAMS:2011:BV0056
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep over nietigheid effectenleaseovereenkomsten en schadevergoeding
In deze zaak is appellant in hoger beroep gekomen tegen een vonnis van de kantonrechter Amsterdam inzake effectenleaseovereenkomsten met Dexia. Appellant stelde dat de leaseovereenkomsten nietig zijn verklaard door een brief van zijn raadsman namens zijn echtgenote, en vorderde betaling van schadevergoeding en verwijdering van een BKR-notering.
Het hof oordeelt dat de brief van 22 juni 2005 geen rechtsgeldige vernietiging van de leaseovereenkomsten inhoudt, omdat de raadsman alleen appellant vertegenwoordigde en niet bevoegd was om namens de echtgenote een vernietiging in te roepen. Verder wijst het hof de grieven af over de berekening van de schade en eigen schuld, en bevestigt het dat Dexia pas vanaf de eindafrekening wettelijke rente verschuldigd is.
Het bewijsaanbod van appellant wordt gepasseerd wegens onvoldoende onderbouwing. Het hof bekrachtigt het vonnis van de kantonrechter en veroordeelt appellant in de proceskosten van het hoger beroep.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt het vonnis van de kantonrechter en wijst de grieven van appellant af.