ECLI:NL:GHAMS:2011:BT7450
Gerechtshof Amsterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling geheimhouding Draaiboek, Nieuwsbrieven en microfiches in fiscale procedure
Belanghebbende heeft beroep ingesteld tegen navorderingsaanslagen en boetebeschikkingen van de inspecteur. Na vernietiging door de Hoge Raad is de zaak verwezen naar het Gerechtshof Amsterdam voor een procedure op grond van artikel 8:29 van Pro de Algemene wet bestuursrecht (Awb) over de geheimhouding van stukken.
In deze procedure staat centraal of de inspecteur terecht weigert passages uit het Draaiboek, de Nieuwsbrieven en microfiches integraal aan belanghebbende te verstrekken. Het Hof stelt vast dat deze stukken als 8:42-stukken kwalificeren en dat zij in beginsel integraal aan belanghebbende moeten worden overgelegd, tenzij zwaarwichtige redenen geheimhouding rechtvaardigen.
Het Hof weegt het belang van belanghebbende bij volledige kennisneming af tegen het belang van de Belastingdienst bij geheimhouding. Het belang van de Belastingdienst bij een effectieve controle en de bescherming van privacy van derden en ambtenaren weegt zwaarder dan het individuele belang van belanghebbende. Daarom is beperking tot een geschoonde Amsterdamse versie gerechtvaardigd.
De microfiches worden eveneens deels geschoond overgelegd; namen en rekeningnummers worden weggelaten, alleen saldi worden openbaar gemaakt. Persoonlijke opvattingen en anekdotes in de Nieuwsbrieven worden wel openbaar gemaakt. Het Hof houdt verdere beslissing aan en stelt het procesdossier met geschoonde en verzegelde stukken ter beschikking van de kamer die de hoofdzaak behandelt.
Uitkomst: De inspecteur heeft terecht de integrale stukken deels geheim gehouden en beperkt de kennisneming tot een geschoonde Amsterdamse versie.