ECLI:NL:GHAMS:2011:BT6912

Gerechtshof Amsterdam

Datum uitspraak
4 oktober 2011
Publicatiedatum
5 april 2013
Zaaknummer
21-000570-11
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Vrijspraak
Procedures
  • Hoger beroep
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 6 EG-verordening nr. 1/2005Art. 422 Sv
Verwijzingen
2 uitgaand · 1 inkomend
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Vrijspraak wegens onvoldoende bewijs voor vervoer van gewond rund in strijd met EG-verordening

Het gerechtshof Amsterdam heeft het vonnis van de rechtbank Utrecht vernietigd en in hoger beroep vrijspraak uitgesproken. Verdachte werd ten laste gelegd dat hij als vervoerder een gewond, zwak of ziek rund heeft vervoerd in strijd met artikel 6 van Pro EG-verordening nr. 1/2005.

Het hof stelde vast dat het rund, hoewel kreupel en mager, niet duidelijk gewond, zwak of ziek was op het moment van acceptatie voor transport. De diergeneeskundige verklaring vermeldde afwijkingen die al langere tijd bestonden, maar niet dat het dier niet vervoerd mocht worden. Verdachte trad zelf niet op als chauffeur; de chauffeur was in dienst en behoorlijk geïnstrueerd.

Het hof vond onvoldoende bewijs dat de chauffeur zonder de juiste maatregelen het dier had mogen accepteren en dat verdachte als werkgever daarvoor strafrechtelijk aansprakelijk is. Daarom werd verdachte vrijgesproken wegens onvoldoende bewijs.

Uitkomst: Verdachte is vrijgesproken omdat niet bewezen is dat het rund gewond, zwak of ziek was bij acceptatie voor transport en dat verdachte als werkgever strafrechtelijk verwijt treft.

Uitspraak

Sector strafrecht
Parketnummer: 21-000570-11
Uitspraak d.d.: 4 oktober 2011
TEGENSPRAAK
Arrest van de economische kamer
gewezen op het hoger beroep, ingesteld tegen het vonnis van de economische politierechter in de rechtbank Utrecht van 8 februari 2011 in de strafzaak tegen
[verdachte],
geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum],
wonende te [postcode en woonplaats], [adres].
Het hoger beroep
De verdachte heeft tegen het hiervoor genoemde vonnis hoger beroep ingesteld.
Onderzoek van de zaak
Dit arrest is gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de terechtzitting van het hof van 20 september 2011 en, overeenkomstig het bepaalde bij artikel 422 van Pro het Wetboek van Strafvordering, het onderzoek op de terechtzitting in eerste aanleg.
Het hof heeft kennisgenomen van de vordering van de advocaat-generaal. Deze vordering is na voorlezing aan het hof overgelegd (zie voor de inhoud van de vordering bijlage I). Het hof heeft voorts kennis genomen van hetgeen door verdachte naar voren is gebracht.
Het vonnis waarvan beroep
Het hof zal het vonnis waarvan beroep vernietigen omdat het tot een andere bewijsbeslissing komt en daarom opnieuw rechtdoen.
De tenlastelegging
Aan verdachte is tenlastegelegd dat:
hij op of omstreeks 20 maart 2009 te Maasbergen en/of Tilburg, althans in Nederland, tezamen en in vereniging met (een) ander(en), althans alleen, heeft gehandeld in strijd met artikel 6 van Pro de EG-verordening nr. 1/2005,
immers heeft/hebben verdachte en/of zijn mededader(s) als vervoerder(s) een of meer dieren niet in overeenstemming met de technische voorschriften uit bijlage I behorende bij voornoemde verordening vervoerd;
door een gewond, zwak en/of ziek rund ([nummer]a) te vervoeren dat niet geschikt was voor het voorgenomen transport en/of terwijl de vervoersomstandigheden dusdanig waren dat aan dit dier onnodig lijden werd berokkend en/of terwijl dit rund niet in staat was te worden vervoerd, daar dit rund niet op eigen kracht pijnloos kon bewegen en/of niet zonder hulp kon lopen.
Indien in de tenlastelegging taal- en/of schrijffouten voorkomen, zijn deze verbeterd. De verdachte is daardoor niet geschaad in de verdediging.
Vrijspraak
Het vervoer in kwestie is verzorgd door één van de chauffeurs van verdachte. Het rund waar het om gaat, is een zogeheten achterblijver. De diergeneeskundige verklaring die zich bij de stukken bevindt, zegt dat het een gewond, zwak of ziek dier betrof dat niet in staat mocht worden geacht te worden vervoerd. Maar in zoverre betreft dat een kwalificatie die het hof heeft na te lopen. Het rund is, door de veeartsen die het na aankomst bij het slachthuis zagen, beschreven als: kreupel rechts achter, cachectisch (mager), bolle rug. En verder werd vermeld dat deze afwijkingen langere tijd geleden waren ontstaan. Dat het om een (duidelijk kenbaar) gewond, zwak of ziek dier ging, blijkt daar niet uit.
Tegen de achtergrond van één en ander is het niet boven iedere redelijke twijfel verheven dat het rund in kwestie gewond, zwak of ziek was toen het voor het transport werd geaccepteerd en dat opgemerkt had moeten worden dat het dier om die reden niet vervoerd mocht worden of verantwoord kon worden. Het hof gaat er vanuit dat verdachte niet zelf als chauffeur optrad bij het transport, maar een chauffeur die bij hem in dienst was en welke behoorlijk geïnstrueerd was, zoals verdachte ter terechtzitting heeft uitgelegd. Niet uit de verf komt dat een behoorlijk geïnstrueerd chauffeur het dier, zonder maatregelen te treffen die op dat vervoer van dat dier in die conditie waren toegespitst, niet voor het transport naar het slachthuis had mogen accepteren. Op grond waarvan verdachte als werkgever van de chauffeur in deze als dader een strafrechtelijk verwijt te maken valt, kan het hof niet zien.
Vrijspraak moet volgen.
BESLISSING
Het hof:
Vernietigt het vonnis waarvan beroep en doet opnieuw recht:
Verklaart niet bewezen dat de verdachte het ten laste gelegde heeft begaan en spreekt verdachte daarvan vrij.
Aldus gewezen door
mr B.P.J.A.M. van der Pol, voorzitter,
mr J.A.W. Lensing en mr L.E.M. Hendriks, raadsheren,
in tegenwoordigheid van mr N.D. Mavus-ten Elshof, griffier,
en op 4 oktober 2011 ter openbare terechtzitting uitgesproken.
Mr L.E.M. Hendriks is buiten staat dit arrest mede te ondertekenen.