ECLI:NL:GHAMS:2011:BR4484
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- S.F. Schütz
- W.J. van den Bergh
- C. Uriot
- Rechtspraak.nl
Beperking wijzigingsbevoegdheid indexering pensioenreglement voor gepensioneerden per 1995
Deze zaak betreft het geschil over de wijziging van de indexeringregeling in het pensioenreglement van Stichting Pensioenfonds IBM Nederland (SPIN). De gepensioneerden en gewezen deelnemers (slapers) die per 31 december 1995 reeds pensioenrechten hadden onder de AMEV-regeling en deze per 1 januari 1996 aan SPIN overdroegen, stellen dat de wijziging van artikel 11 lid 6 van Pro het pensioenreglement uit 1996 niet eenzijdig op hen kan worden toegepast.
De kantonrechter had reeds geoordeeld dat de indexering voor deze groep een onvoorwaardelijke toezegging betrof en dat de wijziging van 2006, die de indexering voorwaardelijk maakte, niet op hen van toepassing was. SPIN en IBM voerden aan dat de indexering altijd voorwaardelijk was vanwege de benodigde indexatie-buffer en dat wijziging mogelijk was.
Het hof stelt vast dat de toezegging in artikel 11 lid 6 van Pro het pensioenreglement 1996 inderdaad voorwaardelijk was op voldoende indexatie-buffer, maar dat de gepensioneerden gerechtvaardigd vertrouwen mochten ontlenen aan de toezegging dat hun pensioenrechten jaarlijks geïndexeerd zouden worden zolang de buffer toereikend was. De belangen van SPIN en IBM wegen onvoldoende zwaar om dit vertrouwen te doorbreken. Daarom geldt de wijziging van 2006 niet voor deze groep, en dient het pensioenreglement dienovereenkomstig te worden aangepast.
Uitkomst: De wijziging van de indexeringregeling geldt niet voor gepensioneerden en slapers per 31 december 1995, en het pensioenreglement moet worden aangepast.