ECLI:NL:GHAMS:2011:BQ8540
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- M. Wigleven
- M.M.A. Gerritzen-Gunst
- E.A. Maan
- Rechtspraak.nl
Beoordeling bevoegdheid Nederlandse rechter en terugbetaling bruidsgave in hoger beroep
Partijen zijn in 2006 naar Marokkaans recht gehuwd en hebben de Marokkaanse nationaliteit. De vrouw vorderde vergoeding van een bruidsgave van €2.000,-, waarop de man in hoger beroep kwam tegen een eerdere beschikking van de rechtbank Amsterdam.
Het hof behandelde eerst de bevoegdheid van de Nederlandse rechter. Hoewel er een vonnis van de rechtbank in Marokko bestaat waarin de vrouw recht heeft op een bedrag ter vergoeding van de bruidsgave, is dit vonnis nog niet erkend of uitvoerbaar in Nederland. Daarom is de Nederlandse rechter bevoegd om kennis te nemen van het verzoek.
De vrouw baseerde haar vordering op een huwelijksakte waarin de man een bedrag van €2.000,- verschuldigd zou zijn. De man stelde dat hij al betalingen had gedaan en verwees naar het Marokkaanse vonnis waarin hij veroordeeld werd tot betaling van 5.600 Marokkaanse dirham (ongeveer €510), welk bedrag inmiddels is gestort op een Marokkaanse bankrekening van de vrouw.
De vrouw kon haar stelling onvoldoende onderbouwen dat de man nog iets verschuldigd zou zijn. Het hof concludeerde dat de man aan zijn betalingsverplichting heeft voldaan en vernietigde de bestreden beschikking voor zover deze betrekking had op de bruidsgave. Het verzoek van de vrouw werd afgewezen.
Uitkomst: Het hof wijst het verzoek tot betaling van €2.000,- bruidsgave af en vernietigt de bestreden beschikking voor zover deze daaraan toewijst.