ECLI:NL:GHAMS:2011:BP7925
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep kennelijk onredelijk ontslag met gevolgencriterium en schadevergoeding
In deze zaak staat het hoger beroep centraal tegen het vonnis van de rechtbank Haarlem waarin KBK werd veroordeeld wegens kennelijk onredelijk ontslag van [geïntimeerde]. Het geschil betreft de vraag of het ontslag terecht was en de omvang van de schadevergoeding die [geïntimeerde] toekomt.
De feiten betreffen een langdurige arbeidsrelatie van 28 jaar tussen partijen, een vertrouwensbreuk die leidde tot ontslag per 1 oktober 2007, en een conflict over bedrijfsopvolging binnen KBK. Het hof bevestigt dat het ontslag kennelijk onredelijk was omdat KBK onvoldoende financiële voorzieningen trof, terwijl de vooruitzichten van [geïntimeerde] op ander werk beperkt waren.
De schadevergoeding wordt berekend op basis van het inkomensverlies over een periode van drie jaar, rekening houdend met het laatstverdiende salaris, WW-uitkering, pensioenpremies en verzekeringsbijdragen. Het hof wijst een vergoeding toe die de financiële voorziening weerspiegelt die KBK had moeten treffen. Verdere procedure wordt aangehouden voor nadere berekening en overleg tussen partijen.
Uitkomst: Het hof bevestigt dat het ontslag kennelijk onredelijk was en wijst een schadevergoeding toe, met nadere berekening en overleg aangehouden.