ECLI:NL:GHAMS:2011:BP1932
Gerechtshof Amsterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling navorderingsaanslagen en boetebeschikkingen in kader Rekeningenproject KB-Luxbank
Belanghebbende is geconfronteerd met navorderingsaanslagen inkomstenbelasting/premie volksverzekeringen en vermogensbelasting over de jaren 1991-2000, gebaseerd op gegevens van de KB-Luxbank. Tevens zijn boetebeschikkingen opgelegd wegens het niet aangeven van buitenlandse tegoeden.
De navorderingsaanslagen zijn berekend aan de hand van door belanghebbende verstrekte bankgegevens. Het beroep richt zich op de juistheid van de aanslagen, de rechtmatigheid van de boetes en de heffingsrente. Diverse verzoeken tot het horen van getuigen en heropening van het onderzoek zijn afgewezen wegens onvoldoende concrete feiten.
Het Hof oordeelt dat de navorderingsaanslagen niet te hoog zijn vastgesteld en dat de boetes terecht zijn opgelegd wegens opzet, maar vermindert deze van 50% naar 40% vanwege overschrijding van de redelijke termijn. Het beroep tegen de heffingsrente wordt afgewezen. De inspecteur wordt veroordeeld tot vergoeding van proceskosten en betaalde griffierechten.
Uitkomst: Het beroep wordt ongegrond verklaard voor navorderingsaanslagen en gegrond voor boetebeschikkingen, waarbij boetes worden verminderd tot 40%.