Uitspraak
mr. H.J. van der Hauwte Velsen-Zuid,
mr. E.C.W. van der Poelte Alkmaar.
Gerechtshof Amsterdam
In deze zaak gaat het om de verkoop van een perceel grond met de bestemming 'agrarisch gebruik', dat door appellant werd gekocht en vervolgens doorverkocht als bouwgrond. De levering van het perceel vond later plaats dan afgesproken, mede door onzekerheid over de bestemmingswijziging en de goedkeuring van het bestemmingsplan.
Appellant stelt dat hij niet in verzuim was omdat hij op 18 januari 2008 onvoorwaardelijk bereid was tot levering, maar door de notaris niet in de gelegenheid werd gesteld. Geïntimeerde stelt dat appellant te laat leverde en daardoor een boete verschuldigd is. Het hof laat appellant toe bewijs te leveren voor zijn stellingen en wijst de verdere beslissing aan.
Het geschil draait om de vraag of de vertraging in de levering toerekenbaar is aan appellant en of de boete terecht is verbeurd. Het hof benoemt een raadsheer-commissaris voor het horen van getuigen en stelt een planning voor bewijslevering vast.
Uitkomst: Het hof staat bewijslevering toe over het niet-toerekenbaar zijn van de leveringsvertraging en houdt verdere beslissing aan.