ECLI:NL:GHAMS:2010:BO7152
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Hof bevestigt aansprakelijkheid Adam Menswear voor tekortkoming bij overdracht huurrechten
Adam Menswear huurde een bedrijfspand en gaf Bettings opdracht opvolgende huurders te zoeken. Na opzegging van de huurovereenkomst onderhandelde Bettings met ID Retail over overdracht van huurrechten. Partijen sloten een overeenkomst, waarbij Adam Menswear een inspanningsverbintenis had om medewerking te verlenen aan de uitvoering, waaronder een indeplaatsstellingsprocedure.
De rechtbank kende ontbinding toe en veroordeelde Adam Menswear tot schadevergoeding aan ID Retail. In hoger beroep werd geoordeeld dat Bettings als medegedaagde in de hoofdzaak als derde in de zin van artikel 217 Rv Pro moest worden toegevoegd. Het hof bevestigde dat Adam Menswear tekortgeschoten is door geen niet-opgezegde huurovereenkomst te kunnen overdragen, waardoor zij aansprakelijk is voor de schade.
Het hof paste de Haviltex-maatstaf toe bij de uitleg van de overeenkomst, oordeelde dat het branchegebruik een inspanningsverbintenis tot medewerking impliceert, en verwierp verweren zoals wederzijdse dwaling en schuldeisersverzuim. Het causale verband tussen tekortkoming en schade werd vastgesteld, waarbij de onderhandelingspositie van ID Retail zonder fout gunstiger was.
Het hof verwees partijen naar een schadestaatprocedure voor de verdere schadevaststelling en vroeg nadere informatie over de kansen op een beter onderhandelingsresultaat. De grieven van Adam Menswear en Bettings faalden grotendeels, behalve de grief over voeging van Bettings, die werd toegewezen.
Uitkomst: Het hof bevestigt de aansprakelijkheid van Adam Menswear voor tekortkoming en voegt Bettings toe als derde partij, verwijzend naar schadestaatprocedure voor schadevaststelling.