ECLI:NL:GHAMS:2010:BO6936
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- L. Verheij
- M.W.E. Koopmann
- A.W. Jongbloed
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid hoger beroep gerechtsdeurwaarder wegens overschrijding beroepstermijn
De gerechtsdeurwaarder stelde hoger beroep in tegen een beslissing van de Kamer voor Gerechtsdeurwaarders te Amsterdam waarin zijn verzet gegrond werd verklaard en hem een berisping werd opgelegd. Het hoger beroep werd ingediend na het verstrijken van de beroepstermijn van dertig dagen.
De gerechtsdeurwaarder voerde aan dat hij op 31 maart 2010 een verzoek om uitstel had gestuurd om de gronden van zijn beroep aan te vullen, maar kon niet aannemelijk maken dat deze brief daadwerkelijk was verzonden of ontvangen. Het hof oordeelde dat het risico van te late indiening in beginsel voor rekening van de gerechtsdeurwaarder komt, tenzij bijzondere omstandigheden worden aangetoond.
Omdat geen bijzondere omstandigheden waren vastgesteld, verklaarde het hof het hoger beroep niet-ontvankelijk. De eerdere beslissing van de Kamer voor Gerechtsdeurwaarders bleef daarmee in stand. De zaak betreft een tuchtrechtelijke procedure tegen een gerechtsdeurwaarder over de correcte afboeking van betalingen binnen dossiers.
Uitkomst: Het hof verklaart het hoger beroep van de gerechtsdeurwaarder niet-ontvankelijk wegens overschrijding van de beroepstermijn zonder bijzondere omstandigheden.