ECLI:NL:GHAMS:2010:BM7668
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- A.M. van Amsterdam
- F.J.P.M. Haas
- M.J. Leijdekker
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep: Recht op zelfstandigenaftrek voor makelaarswerkzaamheden niet-ondersteunend
Belanghebbende, medeondernemer in een makelaarskantoor, maakte aanspraak op zelfstandigenaftrek voor de jaren 2001 tot en met 2004. De inspecteur weigerde deze aftrek omdat de werkzaamheden van belanghebbende volgens hem hoofdzakelijk ondersteunend waren en het samenwerkingsverband ongebruikelijk was.
In hoger beroep stelde belanghebbende dat haar werkzaamheden substantieel en gelijkwaardig waren aan die van haar echtgenoot, die beëdigd makelaar en taxateur is. Het hof stelde vast dat het makelaarskantoor zich niet alleen richtte op particuliere woningen, maar ook in belangrijke mate op de zakelijke markt en taxaties van onroerend goed. Belanghebbende was verantwoordelijk voor het zelfstandig opstellen van taxatierapporten en vervulde een gelijkwaardige rol in bemiddeling en taxaties.
Het hof verwierp de inspecteurs argumenten over de ondersteunende aard van de werkzaamheden en de gebruikelijkheidstoets. Hierdoor werd het beroep gegrond verklaard, de navorderingsaanslagen voor 2001-2003 vernietigd en de aanslagen voor 2004 verminderd. Tevens werd belanghebbende in de proceskosten en griffierechten van het hoger beroep en eerdere procedures tegemoetgekomen.
Uitkomst: Belanghebbende heeft recht op zelfstandigenaftrek omdat haar werkzaamheden niet hoofdzakelijk ondersteunend waren; navorderingsaanslagen vernietigd en aanslagen verminderd.