ECLI:NL:GHAMS:2010:BM2784
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- A. Bijlsma
- B.A. van Brummelen
- K. Kooijman
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep inzake aansprakelijkheid voor douanerechten bij onjuiste oorsprongsverklaring kunstmatig korund
Belanghebbende werd aangeslagen voor douanerechten over de invoer van kunstmatig korund met vermeende oorsprong Cambodja, terwijl de inspecteur stelde dat de goederen in werkelijkheid uit China kwamen. De rechtbank Haarlem verklaarde het beroep van belanghebbende gegrond en vernietigde de aanslagen, waarbij zij oordeelde dat de inspecteur de bewijslast droeg om aan te tonen dat belanghebbende wist of redelijkerwijs had moeten weten dat de oorsprongsgegevens onjuist waren.
In hoger beroep richtte de inspecteur zich op brieven van het Zollfahndungsamt Karlsruhe die zouden aantonen dat belanghebbende op de hoogte was van de werkelijke Chinese oorsprong. Het Gerechtshof Amsterdam oordeelde echter dat deze brieven slechts een waardering van documenten bevatten zonder concrete vaststellingen en dat de inspecteur geen aanvullend eigen onderzoek had verricht. Bovendien konden faxberichten die de inspecteur aanvoerde niet bijdragen aan bewijs omdat ze dateren van na de aangifte.
Het hof bevestigde daarmee het oordeel van de rechtbank dat de inspecteur onvoldoende bewijs had geleverd om belanghebbende als douaneschuldenaar aan te merken. De inspecteur werd veroordeeld in de proceskosten en het hoger beroep werd afgewezen. De uitspraak benadrukt het belang van een zorgvuldige bewijsvoering bij aansprakelijkheid voor onjuiste douane-aangiften.
Uitkomst: Het hoger beroep van de inspecteur wordt afgewezen en de uitspraak van de rechtbank wordt bevestigd.