ECLI:NL:GHAMS:2010:BL6954
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- A.M. van Amsterdam
- F.J.P.M. Haas
- M.J. Leijdekker
- Rechtspraak.nl
Bevestiging correctie verlies uit ter beschikking gestelde vermogensbestanddelen bij ontbreken aanmerkelijk belang
Belanghebbende stelde in zijn aangifte een verlies uit ter beschikking gestelde vermogensbestanddelen aan een vennootschap waar hij een aanmerkelijk belang meende te hebben. De inspecteur corrigeerde dit verlies omdat belanghebbende volgens hem geen aanmerkelijk belang had, wat door de rechtbank werd bevestigd.
In hoger beroep heeft het Hof verschillende berekeningswijzen van het belang onderzocht. Belanghebbende had rechten op certificaten en opties via een nog op te richten vennootschap, maar het totale belang bedroeg maximaal 2,13%, ruim onder de vereiste 5% voor een aanmerkelijk belang. De stelling van belanghebbende over mogelijke uitgifte van soortaandelen werd niet bewezen en faalde.
Ook het beroep op het gelijkheidsbeginsel slaagde niet omdat geen sprake was van een afwijkend beleid bij andere belastingkantoren. Het Hof bevestigde de uitspraak van de rechtbank en verklaarde het hoger beroep ongegrond, waarmee de aanslag en correctie van de inspecteur stand hielden.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.