ECLI:NL:GHAMS:2009:BY2033
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak poging tot doodslag en bewezenverklaring mishandeling met stok en vuistslag
In hoger beroep tegen het vonnis van de rechtbank Amsterdam is verdachte vrijgesproken van poging tot doodslag omdat niet wettig en overtuigend is vastgesteld dat hij het slachtoffer met een mes heeft gestoken. Het hof oordeelde dat getuigenverklaringen onvoldoende waren om een stekende beweging te bewijzen en dat het letsel niet eenduidig aan verdachte kon worden toegeschreven.
Wel is bewezen verklaard dat verdachte het slachtoffer op 5 maart 2007 te Amsterdam opzettelijk heeft mishandeld door met een stok tegen het lichaam te slaan en een vuistslag tegen het gezicht toe te brengen. De verdediging voerde noodweer aan, maar het hof verwierp dit omdat verdachte zich bewust in een confrontatiesituatie begaf en het geweld niet noodzakelijk was.
Hoewel de feiten strafbaar zijn en verdachte strafbaar is, heeft het hof geen straf of maatregel opgelegd vanwege de omstandigheden waaronder de feiten zijn gepleegd en de overschrijding van de redelijke termijn. De vordering van de benadeelde partij tot schadevergoeding is niet-ontvankelijk verklaard omdat het bewezenverklaarde feit waarvoor schade werd gevorderd niet bewezen is en de overige vorderingen niet geschikt zijn voor strafproces.
Het arrest is gewezen door de meervoudige strafkamer van het gerechtshof Amsterdam op 17 september 2009.
Uitkomst: Verdachte vrijgesproken van poging tot doodslag, mishandeling bewezen maar geen straf opgelegd.