ECLI:NL:GHAMS:2009:BP2589
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- J. den Boer
- F.J.P.M. Haas
- M.J. Leijdekker
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep tegen naheffingsaanslagen motorrijtuigenbelasting en boetes taxi
Belanghebbende, een taxichauffeur uit Amsterdam, kreeg naheffingsaanslagen motorrijtuigenbelasting (MRB) opgelegd over de periode van 1999 tot 2003, omdat de inspecteur meende dat hij geen juiste kilometeradministratie had bijgehouden en niet kon aantonen dat de taxi geheel of nagenoeg geheel voor taxivervoer werd gebruikt.
De rechtbank verklaarde het beroep van belanghebbende gegrond en vernietigde de naheffingsaanslagen en boetebeschikkingen. De inspecteur stelde hoger beroep in tegen deze uitspraak. Het Hof oordeelt dat de rechtbank ten onrechte de naheffingstermijn beperkt heeft tot twaalf maanden voorafgaand aan de constatering van het feit, terwijl de inspecteur op grond van artikel 20 AWR Pro bevoegd is tot naheffing over een langere periode.
Het Hof stelt vast dat de administratie van belanghebbende onvoldoende was om de vrijstelling van MRB te rechtvaardigen en dat de naheffingsaanslagen terecht zijn opgelegd. Omdat de rechtbank niet heeft beoordeeld of de administratie voldoende was en de boetes terecht zijn opgelegd, wijst het Hof de zaak terug naar de rechtbank voor een volledige herbeoordeling.
Daarnaast oordeelt het Hof dat de bezwaren van belanghebbende ten onrechte niet-ontvankelijk zijn verklaard en dat de rechtbank hiermee rekening moet houden bij de nieuwe behandeling. De uitspraak is op 5 maart 2009 in het openbaar gedaan.
Uitkomst: Het hof vernietigt de uitspraken van de rechtbank en wijst de zaak terug voor volledige herbeoordeling van naheffingsaanslagen en boetes.