ECLI:NL:GHAMS:2009:BL4670
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- J.P. Fokker
- M.L. van der Bel
- M.G.W.M. Stienissen
- Rechtspraak.nl
Beoordeling van toepassing wachtgeldregeling en pensioenopbouw na ontbinding arbeidsovereenkomst
In deze zaak stond centraal de vraag of de werknemer aanspraak kon maken op wachtgeld en voortzetting van pensioenopbouw na ontbinding van haar arbeidsovereenkomst door de kantonrechter op verzoek van de werkgever. De arbeidsovereenkomst was ontbonden wegens een verstoorde arbeidsrelatie, die grotendeels aan de werkgever was toe te rekenen.
De werknemer vorderde betaling van wachtgeld vanaf november 2005, uitbetaling van vakantie-uren en vergoeding van advocaatkosten. De werkgever betwistte de toepassing van de wachtgeldregeling bij ontbinding en voerde onder meer dat de regeling niet van toepassing zou zijn bij ontbinding via de rechter en dat de werknemer reeds een ontbindingsvergoeding had ontvangen.
Het hof oordeelde dat de CAO-bepaling omtrent wachtgeld ruim moet worden uitgelegd en dat ontbinding door de kantonrechter onder "beëindiging door de werkgever" valt. De exclusieve werking van de ontbindingsvergoeding werd verworpen. De vorderingen van de werknemer werden grotendeels toegewezen, inclusief wettelijke rente en voortzetting van pensioenopbouw. De gevorderde advocaatkosten werden slechts gedeeltelijk toegewezen. De werkgever werd veroordeeld tot betaling van wachtgeld, vakantie-uren en voortzetting van pensioenopbouw, met een dwangsom bij niet-nakoming.
Uitkomst: De werkgever is veroordeeld tot betaling van wachtgeld, vakantie-uren, voortzetting van pensioenopbouw en proceskosten, met een dwangsom bij niet-nakoming.