ECLI:NL:GHAMS:2009:BJ6473
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- A. Bockwinkel
- S. Clement
- C.T. Barbas
- Rechtspraak.nl
Vernietiging tussentijdse beëindiging schuldsaneringsregeling wegens onvoldoende bewijs benadeling schuldeisers
Appellant was failliet verklaard op 11 oktober 2005 en kreeg op 22 april 2008 toepassing van de schuldsaneringsregeling. De rechtbank beëindigde deze regeling tussentijds wegens vermoedens dat appellant een uitkoopsom van €171.000,- van de gemeente Haarlem had verzwegen aan de curator.
In hoger beroep heeft het hof onderzocht of appellant zijn verplichtingen uit de schuldsaneringsregeling niet was nagekomen en schuldeisers had benadeeld door informatie over de uitkoopsom te verzwijgen. Uit de stukken bleek dat de vermeende bieding niet concreet en schriftelijk was vastgelegd en dat appellant hierover de curator had geïnformeerd over de renovatie, maar niet over een definitieve uitkoopsom.
De bewindvoerder kon niet aantonen dat appellant relevante informatie had achtergehouden. Ook was niet gebleken dat appellant de curator had moeten informeren over een uitkoopsom die uiteindelijk aan derden werd uitgekeerd na overdracht van de onderneming. Het hof oordeelde dat appellant zijn verplichtingen naar behoren was nagekomen.
Daarom vernietigde het hof het vonnis van de rechtbank en wees het verzoek tot tussentijdse beëindiging van de schuldsaneringsregeling af.
Uitkomst: Het hof vernietigt het vonnis en wijst de tussentijdse beëindiging van de schuldsaneringsregeling af.