ECLI:NL:GHAMS:2009:BI4299
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- D.B. Bijl
- J.P.A. Boersma
- E.M. Vrouwenvelder
- Rechtspraak.nl
Bevestiging naheffingsaanslag en boete wegens onjuiste aftrek omzetbelasting bij vastgoedbemiddeling
Belanghebbende, een onderneming actief in vastgoedbemiddeling en aan- en verkoop van vastgoed, had in 2001 en 2002 onterecht volledige aftrek van voorbelasting geclaimd, terwijl een deel van haar prestaties vrijgesteld was van omzetbelasting. De inspecteur legde naheffingsaanslagen en een vergrijpboete op wegens grove schuld.
De rechtbank Haarlem verklaarde het beroep deels gegrond door de naheffingsaanslag en boete te verminderen, maar bevestigde dat belanghebbende geen recht had op volledige aftrek van voorbelasting en dat de boete terecht was opgelegd. In hoger beroep bevestigde het Hof Amsterdam dit oordeel, waarbij het belanghebbende niet was gelukt aan te tonen dat zij van de pro rata-methode mocht afwijken op basis van objectieve en nauwkeurige gegevens.
Het Hof wees ook het verweer af dat de kennis van de directeur-grootaandeelhouder niet aan belanghebbende kon worden toegerekend. Gezien zijn aandeelhouderschap en rol in de administratie, moest belanghebbende redelijkerwijs begrijpen dat de aftrek onjuist was. De boete wegens grove schuld werd als passend en geboden bevestigd.
De uitspraak van het Hof bevestigt de naheffingsaanslag en boete, en maakt duidelijk dat ondernemers die zowel belaste als vrijgestelde prestaties verrichten, zorgvuldig moeten omgaan met de toerekening van voorbelasting en de toepassing van de pro rata-methode.
Uitkomst: Het Hof bevestigt de naheffingsaanslag en de boete wegens onjuiste aftrek van voorbelasting en wijst het hoger beroep af.