Uitspraak
STIHO B.V.,
,
Gerechtshof Amsterdam
Stiho B.V. heeft bij de rechtbank te Alkmaar een verzoek tot faillietverklaring van [X] ingediend, dat op 11 augustus 2009 werd afgewezen. Tegen deze beslissing is hoger beroep ingesteld bij het gerechtshof Amsterdam. Stiho baseerde haar verzoek op een opeisbare vordering van bijna €20.000,-, ondersteund door meerdere steunvorderingen en facturen.
De schuldenaar [X] erkende de hoofdsom maar betwistte dat hij niet meer betaalde, stelde dat sommige vorderingen verjaard waren of niet op hem persoonlijk betrekking hadden, en verwees naar betalingsregelingen. Het hof oordeelde echter dat de vorderingen niet inhoudelijk waren betwist en dat onvoldoende bewijs was geleverd voor de gestelde betalingsregelingen of rechtspersoonlijkheid van betrokken vennootschappen.
Daarom concludeerde het hof dat summierlijk vaststond dat [X] is opgehouden te betalen en dat er voldoende belang was bij het faillissementsverzoek. Het hof vernietigde het vonnis van de rechtbank en verklaarde [X] in staat van faillissement, benoemde een rechter-commissaris en curator, en gaf de curator bevoegdheden voor het beheer van de boedel.
Uitkomst: Het hof verklaart [X] in staat van faillissement en wijst het verzoek van Stiho toe.