ECLI:NL:GHAMS:2008:BG4143
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- F.W.J. den Ottolander
- E. Mijnsberge
- N.F. van Manen
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep in zaak cocaïnesmokkel via luchthaven Schiphol
In hoger beroep tegen het vonnis van de rechtbank Haarlem is verdachte veroordeeld voor het opzettelijk invoeren van ongeveer 2508,3 gram cocaïne via luchthaven Schiphol. Verdachte voerde aan dat hij misleid was door een derde die zonder zijn medeweten de cocaïne in een koffer had verborgen. Het hof verwierp dit verweer en oordeelde dat verdachte willens en wetens de aanmerkelijke kans aanvaardde dat de koffer drugs bevatte.
Het hof stelde vast dat de hoeveelheid cocaïne bestemd was voor verdere verspreiding en handel, met alle daaraan verbonden criminele gevolgen. Om redenen van rechtsgelijkheid past het hof de landelijke LOVS-richtlijn inzake drugskoeriers toe, in plaats van de tot dan toe gebruikte richtlijnen van de rechtbank Haarlem voor Schipholzaken.
De verdachte werd aangemerkt als standaardkoerier en veroordeeld tot een gevangenisstraf van twee jaar, hoger dan de door het OM gevorderde straf. Diverse inbeslaggenomen voorwerpen werden verbeurd verklaard, terwijl een telefoontoestel aan verdachte werd teruggegeven. De tijd in voorlopige hechtenis wordt op de straf in mindering gebracht.
Het arrest werd gewezen door de derde meervoudige strafkamer van het gerechtshof Amsterdam op 4 november 2008.
Uitkomst: Verdachte is veroordeeld tot twee jaar gevangenisstraf voor het opzettelijk invoeren van circa 2,5 kg cocaïne via Schiphol.