ECLI:NL:GHAMS:2008:BD4329
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- E.A.G. van der Ouderaa
- J. den Boer
- E.F. Faase
- Rechtspraak.nl
Beoordeling fiscale kwalificatie en boete navorderingsaanslag inkomstenbelasting 2000
Belanghebbende voerde meerdere activiteiten in 2000 uit, waaronder het ontwerpen van een computerspel en het beheren van internetsites, waarvan het hof oordeelde dat deze niet als één onderneming konden worden aangemerkt. Het computerspel was eenmalig en in opdracht van één opdrachtgever, waardoor dit geen duurzame onderneming vormde. De internetsites waren afzonderlijke activiteiten zonder samenhang en leverden geen positieve opbrengsten op.
De rechtbank had de navorderingsaanslag IB/PVV 2000 gehandhaafd en de boete wegens het niet vermelden van inkomsten verminderd wegens overschrijding van de redelijke termijn. Het hof bevestigde dit oordeel en oordeelde dat de boete passend was gezien de grove schuld van belanghebbende. Het beroep op afwezigheid van schuld werd verworpen omdat belanghebbende bewust inkomsten niet had vermeld.
Verder werd het verzoek tot verlaging van de heffingsrente afgewezen. De inspecteur had de correcties op de kostenposten terecht aangebracht vanwege het ontbreken van primaire bescheiden. Het hof bevestigde daarmee de uitspraak van de rechtbank en verklaarde het hoger beroep ongegrond.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de navorderingsaanslag met boete wordt bevestigd.