ECLI:NL:GHAMS:2007:BB8704
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- A.L.G.A. Stille
- A.M.A. Verscheure
- P.J.N. van Os
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep tegen tuchtklacht wegens niet tijdig melden ongebruikelijke transacties door notaris
In deze zaak stond de vraag centraal of een notaris terecht werd verweten twee ongebruikelijke transacties niet onverwijld te hebben gemeld zoals vereist door de Wet melding ongebruikelijke transacties (Wet MOT). Het Bureau Financieel Toezicht (BFT) had een klacht ingediend tegen de notaris wegens het niet melden van een contante storting van €120.000 op zijn kwaliteitsrekening en de daaropvolgende contante terugbetaling.
De notaris voerde verweer dat hij geen bemoeienis had met de storting omdat deze bij de bank plaatsvond en dat de meldplicht bij de bank lag. Tevens stelde hij dat hij pas in mei 2006 door zijn accountant werd gewezen op de meldplicht en dat de Wet MOT niet in het Vademecum 2005 was opgenomen, waardoor hij onwetend was. Ook wees hij op technische problemen met de meldpuntwebsite.
Het hof oordeelde dat de storting door de bank was gedaan en dat de meldplicht daarvoor niet bij de notaris lag, waardoor dat deel van de klacht ongegrond werd verklaard. De terugbetaling door de notaris was echter een ongebruikelijke transactie die gemeld had moeten worden. De notaris had zich volgens het hof voldoende moeten informeren over zijn meldplicht en zijn verweren werden verworpen. Het hof vernietigde de eerdere beslissing en legde de notaris een waarschuwing op wegens tuchtrechtelijk laakbaar handelen.
Uitkomst: Het hof verklaart de klacht gegrond en legt de notaris een waarschuwing op wegens het niet tijdig melden van een ongebruikelijke contante terugbetaling.