ECLI:NL:GHAMS:2007:BA9899
Gerechtshof Amsterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- E.A.G. van der Ouderaa
- J. den Boer
- E.F. Faase
- Rechtspraak.nl
Beoordeling aftrekbaarheid deelnemingskosten en ontvankelijkheid bezwaar verliesvaststelling
Belanghebbende, een houdstervennootschap, maakte bezwaar tegen meerdere aanslagen vennootschapsbelasting over de jaren 1994 tot en met 1999 en tegen de vaststelling van verliezen per ultimo 1994. Het hof oordeelt dat het bezwaar tegen de verzamelbeschikking tot vaststelling van verliezen ontvankelijk is, ondanks onduidelijke redactie van de beschikking en het bezwaar.
De kern van het geschil betreft de aftrekbaarheid van kosten die verband houden met deelnemingen buiten de EU. Belanghebbende stelde dat het niet toestaan van deze aftrek in strijd is met de vrijheid van kapitaalverkeer zoals neergelegd in artikel 56 EG Pro-Verdrag en met artikel 44 van Pro de Europa-Overeenkomst met Polen.
Het hof verwijst naar een eerdere uitspraak van 2 maart 2005 en bevestigt dat de aftrekbeperking van artikel 13, eerste lid, Wet op de vennootschapsbelasting 1969 ook geldt voor deelnemingen in derde landen. De zogenoemde standstillbepaling in artikel 57 EG Pro-Verdrag legitimeert deze beperking. Het beroep wordt daarom ongegrond verklaard.
De aanslagen zijn na bezwaar verminderd tot lagere belastbare bedragen, waarbij het verzamelverlies per einde 1994 is vastgesteld op f 7.471.592. Het hof ziet geen aanleiding om partijen te veroordelen in proceskosten. De uitspraak is op 11 juli 2007 in het openbaar gedaan.
Uitkomst: Het hof verklaart het bezwaar ontvankelijk maar wijst het beroep ongegrond en bevestigt de niet-aftrekbaarheid van kosten verbonden aan deelnemingen buiten de EU.