ECLI:NL:GHAMS:2007:BA9894
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- J. den Boer
- E.A.G. van der Ouderaa
- E.F. Faase
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep tegen afwijzing zelfstandigenaftrek wegens niet voldoen urencriterium
Belanghebbende, werkzaam in het onderwijs en daarnaast als beeldend kunstenaar, kreeg voor het jaar 2002 een aanslag inkomstenbelasting opgelegd. Haar bezwaar tegen deze aanslag werd afgewezen door de inspecteur en vervolgens ongegrond verklaard door de rechtbank Haarlem. Belanghebbende stelde hoger beroep in tegen deze uitspraak.
Het Hof vernietigt de uitspraak van de rechtbank omdat daarin een onjuistheid in het dictum van de uitspraak op bezwaar tegen de aanslag is overgenomen. Het Hof oordeelt dat de aanslag niet verhoogd had mogen worden in de uitspraak op bezwaar, hetgeen volgens artikel 7:11 van Pro de Algemene wet bestuursrecht niet is toegestaan. Het Hof verklaart zich niet bevoegd over de navorderingsaanslag, daarover is geen beroepschrift ingediend.
Ten aanzien van het urencriterium voor zelfstandigenaftrek stelt het Hof vast dat belanghebbende onvoldoende aannemelijk heeft gemaakt dat zij in 2002 de vereiste uren als ondernemer heeft besteed. De door haar overgelegde urenberekening en specificatie zijn te globaal, onvolledig en onvoldoende onderbouwd, mede gezien de geringe omzet en negatieve bedrijfsresultaat. Het Hof vernietigt daarom de uitspraak van de rechtbank, vernietigt de uitspraak van de inspecteur en handhaaft de aanslag.
Daarnaast veroordeelt het Hof de inspecteur in de proceskosten van belanghebbende en gelast vergoeding van het griffierecht. Tegen deze uitspraak kan binnen zes weken cassatie worden ingesteld bij de Hoge Raad.
Uitkomst: Het Hof vernietigt de uitspraak van de rechtbank, handhaaft de aanslag en veroordeelt de inspecteur in proceskosten.