ECLI:NL:GHAMS:2006:AY3775
Gerechtshof Amsterdam
- Schadevergoedingsuitspraak
- E.A.G. van der Ouderaa
- J. den Boer
- E.F. Faase
- Rechtspraak.nl
Nadere uitspraak over schadevergoeding wegens onrechtmatige belastingaanslag
In deze zaak stond de omvang van de schadevergoeding centraal nadat het Hof eerder had geoordeeld dat de inspecteur een onrechtmatige daad had begaan door een belastingaanslag te laat op te leggen. Belanghebbende stelde de schade op €102.911, terwijl de inspecteur slechts €644 wilde vergoeden.
Het Hof oordeelde dat alleen de redelijke kosten van juridische bijstand in de bezwaarfase ter verkrijging van vernietiging van het onrechtmatige besluit voor vergoeding in aanmerking komen. Niet alle gedeclareerde bedragen konden zonder meer worden toegerekend aan deze kosten. Een deel van de kosten betrof immers bijstand gericht op andere besluiten of jaren, die niet als onrechtmatig waren aangemerkt.
Het Hof maakte daarom een schatting en wees een bedrag van €40.000 toe als redelijke vergoeding van de kosten die direct verband hielden met de vernietiging van de onrechtmatige aanslag. De Staat werd veroordeeld tot betaling van dit bedrag aan belanghebbende. Tegen deze uitspraak staat cassatie open bij de Hoge Raad.
Uitkomst: De Staat wordt veroordeeld tot vergoeding van €40.000 aan belanghebbende wegens kosten van rechtsbijstand ter verkrijging van vernietiging van een onrechtmatige belastingaanslag.