ECLI:NL:GHAMS:2005:AT9549
Gerechtshof Amsterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- F.H.M. Possen
- J.J.A.M. Kennis
- E.N. Punt
- Rechtspraak.nl
Navordering douanerechten wegens ongeldige certificaten van oorsprong bij invoer schoenen
Belanghebbende, I B.V., voerde beroep aan tegen navordering van douanerechten omdat zij meende dat de overgelegde certificaten van oorsprong voor schoenen uit Vietnam geldig waren. Uit onderzoek van de Europese Commissie en Vietnamese autoriteiten bleek echter dat veel certificaten vals of vervalst waren en dat de schoenen feitelijk uit China afkomstig waren.
De inspecteur stelde belanghebbende terecht aansprakelijk voor de douaneschuld op grond van artikel 201, derde lid, van het Communautair Douanewetboek (CDW). Het hof oordeelde dat de mededeling van de Vietnamese autoriteiten voldoende was om de certificaten ongeldig te verklaren en navordering te rechtvaardigen. Het beroep op artikel 220, tweede lid, onderdeel b, CDW dat er sprake zou zijn van een vergissing van de douaneautoriteiten, faalde.
Belanghebbende voerde onder meer aan dat zij te goeder trouw was, dat de inspecteur onzorgvuldig had gehandeld en dat het fair trial-beginsel was geschonden. Deze grieven werden verworpen. Het hof vond dat belanghebbende redelijkerwijs had moeten weten dat de gegevens onjuist waren. Het beroep werd ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het beroep van belanghebbende wordt ongegrond verklaard en de navordering van douanerechten bevestigd.