ECLI:NL:GHAMS:2005:AT8684
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- A.L.G.A. Stille
- P.J.N. van Os
- A.D.R.M. Boumans
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep tegen ongegrondverklaring klacht over notaris en medewerker
Klager heeft begin 2002 contact gezocht met het notariskantoor voor legalisatie van een handtekening van zijn broer, die een stuk grond in Engeland had gekocht maar betaald door klager. Klager verwijt de notaris onjuiste vermelding van een tweede telefoongesprek in een brief, wat de relatie tussen klager en zijn broer heeft verslechterd.
De notaris stelt dat hij zelf geen contact met klager had, maar dat dit via een medewerkster verliep, en dat de brief gedateerd was op 7 augustus 2002, niet 2003 zoals klager veronderstelt. Het geschil betreft een zaak tussen klager en zijn broer, waarbij de notaris buiten staat.
Het hof heeft het onderzoek in hoger beroep verricht en sluit zich aan bij de eerdere beslissing van de Kamer van Toezicht, waarbij het handelen of nalaten van de medewerker aan de notaris wordt toegerekend. Het beroep wordt verworpen, waarmee de klacht ongegrond blijft.
De Kamer van Toezicht concludeerde dat er geen tuchtrechtelijk verwijt aan de notaris is toe te rekenen, ondanks de escalatie tussen klager en zijn broer, en dat de gang van zaken voldoende is gereconstrueerd om de verhoudingen eventueel te normaliseren.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt verworpen en de klacht tegen de notaris wordt ongegrond verklaard.