ECLI:NL:GHAMS:2003:AR5595
Gerechtshof Amsterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- Faase
- Van Ballegooijen
- Slijpen
- Rechtspraak.nl
Verbreking fiscale eenheid door aandelenoverdracht en afwijzing afwaardering lening als winstuitdeling
Belanghebbende betwistte de aanslag vennootschapsbelasting 1998 en voerde aan dat de fiscale eenheid met haar moedermaatschappij J niet was verbroken door de overdracht van aandelen in 1998. Het hof oordeelde dat de verkoop en levering van aandelen aan M rechtsgeldig was en dat de ontbinding daarvan in 1999 niet met terugwerkende kracht fiscale gevolgen had. Hierdoor was belanghebbende zelfstandig belastingplichtig geworden.
Daarnaast speelde de vraag of een lening van belanghebbende aan J kon worden aangemerkt als een (verkapte) winstuitdeling. Het hof stelde vast dat J op het moment van leningverstrekking financieel in zwaar weer verkeerde en dat het belanghebbende duidelijk moest zijn geweest dat terugbetaling niet mogelijk was. Dit maakte de lening een bodemloze putlening en dus een winstuitdeling.
Belanghebbende stelde dat de lening bedoeld was aan een zustermaatschappij en dat er geen bewustzijn van bevoordeling bestond, maar het hof verwierp deze stellingen. De inspecteur mocht de afwaardering van de lening niet in mindering brengen op de fiscale winst. Het beroep van belanghebbende werd ongegrond verklaard en de aanslag gehandhaafd.
Uitkomst: Het hof verklaarde het beroep ongegrond en bevestigde de aanslag vennootschapsbelasting 1998.