ECLI:NL:GHAMS:2003:AO3478
Gerechtshof Amsterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Goes
- Thijssen
- Rechtspraak.nl
Bestuursrechtelijke toetsing aanmaningskosten bij voorlopige aanslag inkomstenbelasting
Belanghebbende kreeg een voorlopige aanslag inkomstenbelasting 1999 opgelegd, gevolgd door een definitieve aanslag waarbij de tariefgroep werd gewijzigd. Belanghebbende maakte bezwaar tegen beide aanslagen en trok het beroep tegen de voorlopige aanslag in nadat het Hof aangaf dat de voorlopige aanslag werd verrekend met de definitieve. De ontvanger bracht aanmaningskosten in rekening nadat belanghebbende het beroep tegen de voorlopige aanslag had ingetrokken, terwijl een procedure over de definitieve aanslag nog liep.
Het Hof oordeelde dat het in rekening brengen van aanmaningskosten in strijd was met de algemene beginselen van behoorlijk bestuur, met name het zorgvuldigheidsbeginsel, omdat de ontvanger op de hoogte was van de lopende procedure over de definitieve aanslag en geen toestemming had voor invorderingsmaatregelen. Tevens was belanghebbende voldoende in de gelegenheid gesteld de belastingschuld te voldoen, waardoor hij in gebreke was.
Het Hof verklaarde het beroep gegrond, vernietigde de kostenbeschikking en de bestreden uitspraak, en veroordeelde de ontvanger tot vergoeding van het griffierecht en proceskosten van belanghebbende. De uitspraak werd gedaan door mr. Goes, met mr. Thijssen als griffier.
Uitkomst: Het Hof verklaart het beroep gegrond, vernietigt de kostenbeschikking en veroordeelt de ontvanger tot vergoeding van griffierecht en proceskosten.