ECLI:NL:GHAMS:2003:AO2850
Gerechtshof Amsterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- F.H.M. Possen
- M.E. van Hilten
- E.N. Punt
- Rechtspraak.nl
Beroep gegrond verklaard wegens niet-naleving procedure bij vaststelling douanewaarde
Belanghebbende, C B.V., maakte bezwaar tegen een aanslagbiljet met uitnodigingen tot betaling van douanerechten gebaseerd op een hogere vastgestelde douanewaarde. De inspecteur had de douanewaarde gecorrigeerd op basis van een rapport van het Landelijk Waardeteam, dat twijfels uitte over de juistheid van de opgegeven transactiewaarden. De inspecteur stelde dat er sprake was van prijsbeïnvloeding door verbondenheid tussen koper en verkoper, maar kon dit niet juridisch aantonen.
De Douanekamer stelde vast dat de inspecteur de in artikel 181bis, lid 2, van de Uitvoeringsverordening Communautair douanewetboek voorgeschreven procedure niet had gevolgd. Deze procedure vereist dat de aangever de gelegenheid krijgt om te reageren op de twijfels en bewijsstukken te overleggen voordat een definitieve beslissing wordt genomen. Deze zorgvuldigheid ontbrak, waardoor de inspecteur niet gerechtigd was de douanewaarde te corrigeren.
Verder oordeelde de Douanekamer dat onvoldoende bewijs was geleverd voor een juridische verbondenheid zoals bedoeld in artikel 143 van Pro de UCDW, zodat de oorspronkelijke transactiewaarde niet verworpen kon worden. Het beroep werd daarom gegrond verklaard, de uitnodigingen tot betaling vernietigd en de inspecteur veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en de uitnodigingen tot betaling worden vernietigd wegens niet-naleving van de voorgeschreven procedure.