ECLI:NL:GHAMS:2003:AN9317
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- Haentjens
- Den Ottolander
- Fasseur
- Rechtspraak.nl
Veroordeling tot 6,5 jaar gevangenisstraf voor heroïnehandel en verboden wapenbezit
De verdachte werd in hoger beroep veroordeeld voor het proberen te bewegen van een mededader tot het vervoer van meer dan vijftig kilogram heroïne van Turkije naar Nederland, het medeplegen van het vervoer van circa zes kilogram heroïne binnen Nederland, en verboden wapenbezit. Het hof vernietigde het eerdere vonnis en sprak verdachte vrij van enkele tenlastegelegde feiten, maar achtte de overige bewezen.
De verdediging voerde onder meer aan dat het openbaar ministerie niet ontvankelijk moest worden verklaard wegens schending van het recht op vertrouwelijke communicatie met de raadsman, omdat tapgesprekken onrechtmatig aan het dossier waren toegevoegd en te laat verwijderd. Het hof erkende deze ernstige veronachtzaming, maar oordeelde dat de tapgesprekken niet als bewijs waren gebruikt en dat de schending niet zodanig was dat niet-ontvankelijkheid gerechtvaardigd was.
Verder werd het verweer verworpen dat de machtiging tot het opnemen van telecommunicatie onrechtmatig was verleend. Het hof stelde vast dat aan de wettelijke vereisten was voldaan, mede gelet op de ernst van de feiten en de omstandigheden rondom een aanslag op het leven van een betrokkene.
De straf werd gematigd van zeven jaar naar zes jaar en zes maanden wegens de procesrechtelijke tekortkomingen. Ook werd de inbeslaggenomen revolver, pistool en munitie onttrokken aan het verkeer. Het hof concludeerde dat de feiten ernstig en verontrustend waren, met een internationale dimensie en een rol van de verdachte die gericht was op financieel gewin.
Uitkomst: Verdachte veroordeeld tot 6 jaar en 6 maanden gevangenisstraf voor bevordering van heroïnehandel en verboden wapenbezit.