ECLI:NL:GHAMS:2003:AM2465
Gerechtshof Amsterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- Van Ballegooijen
- Den Boer
- Faase
- Rechtspraak.nl
Vernietiging navorderingsaanslag vennootschapsbelasting wegens onvoldoende bewijs feitelijke leiding in Nederland
Belanghebbende, een vennootschap statutair gevestigd te Curaçao, werd geconfronteerd met een navorderingsaanslag vennootschapsbelasting over 1992. De inspecteur stelde dat belanghebbende feitelijk vanuit Nederland werd geleid en daarom binnenlands belastingplichtig was. Het geschil betrof eerst de vraag of de inspecteur aan de vereisten voor navordering had voldaan, vervolgens of belanghebbende in Nederland was gevestigd, en subsidiair of zij een vaste inrichting in Nederland had.
Het Hof oordeelde dat de inspecteur niet tijdig een primitieve aanslag had opgelegd omdat hij niet over voldoende informatie beschikte vóór het verstrijken van de driejaarstermijn. Daarnaast heeft de inspecteur onvoldoende feiten en omstandigheden gesteld om te bewijzen dat de feitelijke leiding niet bij het statutaire bestuur op Curaçao lag. De contractuele relaties met de trustmaatschappij en de aandeelhouders waren volgens het Hof normale concernrelaties en boden geen aanwijzingen voor feitelijke leiding vanuit Nederland.
Ook de subsidiaire stelling dat belanghebbende een vaste inrichting in Nederland had, werd verworpen wegens gebrek aan feitelijke onderbouwing. Het Hof concludeerde dat de feitelijke leiding werd uitgeoefend door het bestuur op Curaçao en vernietigde de navorderingsaanslag. Tevens werd de inspecteur veroordeeld in de proceskosten van belanghebbende.
Uitkomst: De navorderingsaanslag vennootschapsbelasting 1992 wordt vernietigd wegens onvoldoende bewijs dat de feitelijke leiding in Nederland lag.