ECLI:NL:GHAMS:2002:AE8429
Gerechtshof Amsterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- Onnes
- Boersma
- Holdert
- Rechtspraak.nl
Waardering veehouderijbedrijf en melkquotum bij successierecht na overlijden
Het geschil betreft de waardering van een veehouderijbedrijf en het melkquotum in het kader van de successierechten na het overlijden van de erflater in 1998. Belanghebbenden stelden dat de waardering van de agrarische grond in verpachte staat moest plaatsvinden en dat het melkquotum geen waarde toekwam, conform een eerdere staatssecretariële resolutie. De inspecteur hanteerde echter de W.E.V.A.B.-waarde vrij en waardeerde het melkquotum mee.
Het hof stelt vast dat de waardering moet plaatsvinden conform artikel 21, vijfde lid, van de Successiewet 1956, waarbij de waarde van de onderneming als going concern wordt bepaald. De eerdere goedkeuring van de waarderingsmethode waarbij grond in verpachte staat werd gewaardeerd en het melkquotum nihil werd gewaardeerd, is ingetrokken voor nalatenschappen na 31 augustus 1998. De stelling van belanghebbenden dat deze methode rechtstreeks uit de wet volgt, wordt verworpen.
Het hof oordeelt dat de inspecteur terecht de W.E.V.A.B.-waarde vrij hanteert en het melkquotum waardeert. De door belanghebbenden aangevoerde rapporten en stellingen over vertrouwen en onevenredigheid worden niet gevolgd. Het beroep wordt ongegrond verklaard en de aanslagen worden gehandhaafd. Proceskosten worden niet toegewezen.
Uitkomst: Het beroep van belanghebbenden wordt ongegrond verklaard en de aanslagen worden bevestigd.