ECLI:NL:GHAMS:2002:AE6622
Gerechtshof Amsterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Van Loon
- Rechtspraak.nl
Geen recht op jonggehandicaptenaftrek voor WAO-uitkeringsgerechtigde ondanks gelijkheidsbeginsel
Belanghebbende is blijvend, volledig en duurzaam arbeidsongeschikt en ontvangt sinds 1998 een WAO-uitkering. Hij heeft nooit een Wajong-uitkering ontvangen. Belanghebbende vroeg om toepassing van de jonggehandicaptenaftrek bij zijn inkomstenbelasting over 2000, maar de inspecteur weigerde deze aftrek toe te kennen.
Het geschil betrof de vraag of belanghebbende, die niet voldoet aan het formele criterium van artikel 55, zevende lid van de Wet IB 1964 (namelijk het genieten van een Wajong-uitkering), toch aanspraak kan maken op de jonggehandicaptenaftrek op grond van het gelijkheidsbeginsel. Belanghebbende stelde dat zijn situatie materieel vergelijkbaar is met die van een Wajong-gerechtigde, omdat hij een laag inkomen heeft en geen uitzicht op verbetering.
Het hof overwoog dat de wetgever de jonggehandicaptenaftrek specifiek heeft gericht op Wajong-gerechtigden, die van jongs af aan belemmeringen ondervinden bij deelname aan het maatschappelijk leven. De beperking tot Wajong-uitkeringsgerechtigden is objectief en redelijk gerechtvaardigd, mede vanwege de uitvoerbaarheid en controleerbaarheid van het criterium. Het hof zag geen grond om de wettelijke regeling uit te breiden of het gelijkheidsbeginsel in dit geval te laten prevaleren.
Het beroep van belanghebbende werd ongegrond verklaard en de aanslag werd gehandhaafd. Er werd geen proceskostenveroordeling uitgesproken.
Uitkomst: Het beroep van belanghebbende wordt ongegrond verklaard en de aanslag gehandhaafd zonder toekenning van de jonggehandicaptenaftrek.