ECLI:NL:GHAMS:2001:AD4828
Gerechtshof Amsterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Van Ballegooijen
- Rechtspraak.nl
Onderscheid in verzuimboetes bij positieve en nihil- of negatieve aanslagen niet in strijd met gelijkheidsbeginsel
Belanghebbende had te laat aangifte gedaan voor de premie arbeidsongeschiktheidsverzekering zelfstandigen (WAZ) en de inkomstenbelasting/premie volksverzekeringen (IB/PVV) over 1998. De inspecteur legde boetes op van respectievelijk ƒ 250 en ƒ 750, waarbij de hogere boete voor de IB/PVV verband hield met een tweede verzuim en een positieve aanslag.
Belanghebbende stelde dat de boetes onterecht hoog waren en dat het onderscheid in boetehoogte tussen positieve en nihil- of negatieve aanslagen het gelijkheidsbeginsel schond. Tevens voerde hij aan dat de boetes niet in redelijke verhouding stonden tot de ernst van het verzuim en dat de boetes werden gebruikt voor ongeoorloofde financieringsvoordelen.
Het hof overwoog dat het niet tijdig indienen van aangifte strafwaardiger is indien de aanslag op een positief bedrag wordt vastgesteld, omdat de fiscus op dat moment financieel wordt benadeeld. Dit rechtvaardigt een hogere boete. De hoogte van de boete is passend gelet op de termijnoverschrijding en de verstoring van de heffing en invordering.
Het hof verwierp ook het betoog dat sprake was van dubbele bestraffing, aangezien formeel twee aangiften te laat waren ingediend. Gezien het ontbreken van bijzondere omstandigheden wees het hof de beroepen af en veroordeelde geen partij tot proceskosten.
Uitkomst: Het hof verklaart de beroepen ongegrond en bevestigt de opgelegde boetes van ƒ 250 en ƒ 750.